| Deuren en poorten in vluchtroutes: werkt het ook in een noodsituatie? 🚪🔥 Tijdens bezoeken aan kantoren en bedrijfspanden zien we nog regelmatig dat deuren die zijn aangewezen als vluchtdeur zijn voorzien van een normaal cilinderslot. Deze deuren zijn dan alleen met een sleutel te openen. In de praktijk blijkt die sleutel tijdens een calamiteit vaak niet direct voorhanden te zijn. Dat levert risico’s op tijdens een ontruiming. Het Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL) stelt hierover duidelijke eisen: Artikel 6.21 BBL “Een deur op een vluchtroute is bij aanwezigheid van personen in het bouwwerk alleen gesloten als die deur tijdens het vluchten, zonder gebruik te moeten maken van een sleutel, onmiddellijk over de ten minste vereiste breedte kan worden geopend.” Dat betekent dat personen een vluchtdeur altijd direct moeten kunnen openen, zonder sleutel, pas, tag of code. Dit geldt overigens niet voor een vluchtroute in een logiesverblijf. Dit zou kunnen door: – het cilinderslot te vervangen; – door een knopcilinder; – de cilinder te vervangen door een vrijloopcilinder met anti-panieksloten; – een duwbar te plaatsen. Vluchtroutes stoppen niet bij de buitendeur Wat we ook regelmatig zien, is dat vluchtroutes uitkomen op een buitenterrein dat is omsloten door een hekwerk met poorten. Deze poorten zijn soms afgesloten met een hangslot, cilinderslot of uitsluitend elektronisch bedienbaar. Daarbij wordt nog weleens vergeten dat een vluchtroute niet eindigt op het eigen terrein. Artikel 3.49 BBL “Op elk punt van een voor personen bestemd gedeelte van een vloer begint een vluchtroute die leidt naar het aansluitende terrein en vandaar naar de openbare weg.” Dit betekent dat personen altijd vanaf het terrein verder moeten kunnen vluchten naar de openbare weg en de verzamelplaats, zonder afhankelijk te zijn van een sleutel of werkende elektrische installatie. Controleer daarom ook: – of poorten op vluchtwegen direct geopend kunnen worden; – of elektronische poorten functioneren bij stroomuitval; – en of noodontgrendelingen aanwezig en bereikbaar zijn. Toegang voor BHV’ers Tijdens een ontruiming moeten BHV’ers ruimtes kunnen controleren. Bij gebouwen met elektronische toegangscontrole is het daarom belangrijk dat BHV’ers ook tijdens brandalarm of stroomuitval toegang houden tot alle benodigde ruimtes. Zorg daarom voor: – mechanische noodsleutels of een loper; – dat BHV’ers gemachtigd zijn om iedere ruimte te betreden; – een centrale noodontgrendeling; – of een noodstroomvoorziening voor het toegangscontrolesysteem. Voorkom dat BHV’ers afhankelijk zijn van een elektronisch systeem dat tijdens een storing mogelijk niet meer functioneert. Praktische controlepunten Loop tijdens een BHV-controle of veiligheidsronde bewust de volledige vluchtroute na: – Kunnen alle vluchtdeuren direct geopend worden? – Zijn poorten zonder sleutel passeerbaar? – Is de route tot aan de openbare weg bruikbaar? – Kunnen BHV’ers alle ruimtes blijven bereiken? Een veilige vluchtroute eindigt pas bij een veilige plaats buiten het terrein. |
